De Zesde Dag

Het was zo na de zesde dag
en na het scheppen van de vrouw
dat Hij met vergulde lach
nagenoot van wat hij zag
en nog staande in de kou
een heel klein luchtje scheppen wou

Het paradijs leek nu echt af
en niemand die Hem iets verweet
tot de duivel -echt heel laf-
aangesneld kwam in een draf
en nog steels in God zijn zweet
twee muggen bij de schepping deed

Droom van een Schildpad

Ze staan stil hier voor de vrede
komen langzaam dichterbij
als nieuwe keizers van de wereld
achter westelijke bergen
niemand kent er nog hun naam
zoals zij tijdenlang verscholen
hier bestaan in hun lichtvoetigheid
in dans voor klokkentorens

Achter westelijke bergen
hoor ik trommels harder slaan
als iets van antwoord op hun roepen
spindauw tussen heksenkloven
zingen zij van de rivier
meerstemmig wat er overblijft
van water dat er zal verdampen
verre nevels verder drijft

Als van de schildpad die het dromen zal
zijn rug recht en verstijft
en schild voor schild zijn huis zal dragen
ver voorbij het wolkenklooster
als de hemel die hij optilt
als een kleine ganspagode
en in eeuwigheid zal dienen
zo hij niet gevangen blijft

Zo zal de dichter het verstaan
die voor zijn strohut verzen schrijft
en tijd verdrijft op rijstpapier
om het eens zelf te geloven
kijk – de kraanvogels, ze gaan
hebben hun veren opgestoken
met de hemel in zijn hand
vliegen ze haast ondersteboven

Zaaigoed van Vanille

Tikkend tegen hoge bomen
vallen druppels van smaragd
als witte parels op haar bruidskleed
in verlangen naar beneden
alles duurt zolang het duurt hier
water golft over stenen
zijn de wasvrouwen op weg naar de rivier
een tijd gewacht
totdat de gamelan verstierf
tot het stopte met de regen

Hier zijn kinderen nog kinderen
ze gaan jalan jalan
over het zaaigoed van vanille
groene sawa's, buitenleven
konden spelen van de Batak
met hun hoofd nog opgeheven
en van krissen die zij kregen
van een meer dan oude man
die in de haven van Jakarta zag
hoe schoeners binnen dreven

Hier zijn stenenbakkers sterk
als hun vaders stille kracht
zij die met kretek in de hand
de wereld zoet konden vergeten
ploegen dapper de karbouwen
door hun akkers, dode geesten
zijn de vrouwen van de theepluk
weer op terugweg van hun land
hun rieten manden volgeladen
op een dokar meegereden

Heeft de pasar van de kampong
weer saffraan en doerian
en rijden becaks af en aan
wordt er een houten pop gesneden
door de wajangpoppenmaker
die met stokken opgeheven
ze vertelt onder de waringboom
van Jogja en Medan
en van de gamelan die ophield
toen het stopte met de regen

Zaaigoed van Vanille

Tikkend tegen hoge bomen
vallen druppels van smaragd
als witte parels op haar bruidskleed
in verlangen naar beneden
alles duurt zolang het duurt hier
water golft over stenen
zijn de wasvrouwen op weg naar de rivier
een tijd gewacht
totdat de gamelan verstierf
tot het stopte met de regen

Hier zijn kinderen nog kinderen
ze gaan jalan jalan
over het zaaigoed van vanille
groene sawa's, buitenleven
konden spelen van de Batak
met hun hoofd nog opgeheven
en van krissen die zij kregen
van een meer dan oude man
die in de haven van Jakarta zag
hoe schoeners binnen dreven

Hier zijn stenenbakkers sterk
als hun vaders stille kracht
zij die met kretek in de hand
de wereld zoet konden vergeten
ploegen dapper de karbouwen
door hun akkers, dode geesten
zijn de vrouwen van de theepluk
weer op terugweg van hun land
hun rieten manden volgeladen
op een dokar meegereden

Heeft de pasar van de kampong
weer saffraan en doerian
en rijden becaks af en aan
wordt er een houten pop gesneden
door de wajangpoppenmaker
die met stokken opgeheven
ze vertelt onder de waringboom
van Jogja en Medan
en van de gamelan die ophield
toen het stopte met de regen

Wiedewiedewiet

En zo zongen we ons liedje
met een zomer in verschiet
van een wagen vol geladen
en van wiedewiedewiet
van we gaan nog niet naar huis
en krijg toch allemaal de kleren
van een tante in Marokko
zag twee beren broodjes smeren

Want we gingen er naar Frankrijk
om er weken te kamperen
hadden hagelslag er bij
een poppenhuis en speelgoedberen
een kwartetspel van Roodkapje
kinderfietsjes en de Wii
Dr. Bibber, Donald Ducks
een ganzenbord, Monopoly

Zestien Barbies en een Nijntje
honderd lollies om te delen
een Jan Klaassen en Katrijn
om in een poppenkast te spelen
dozen Lego en Stratego
Mikado en Memory
kleurpotloden, tekenvellen
voetbalplaatjes en K3

En zo zongen we ons liedje
met een zomer in verschiet
van een wagen vol geladen
en van wiedewiedewiet
van we gaan nog niet naar huis
dat was een ding van zeker weten
want we waren niet voor niets
de hond, de kinderen vergeten

En zo zongen we ons liedje
er uit volle borst bedreven
van we gaan nog niet naar huis
nog lange niet, lang zal ze leven

Wiedewiedewiet

En zo zongen we ons liedje
met een zomer in verschiet
van een wagen vol geladen
en van wiedewiedewiet
van we gaan nog niet naar huis
en krijg toch allemaal de kleren
van een tante in Marokko
zag twee beren broodjes smeren

Want we gingen er naar Frankrijk
om er weken te kamperen
hadden hagelslag er bij
een poppenhuis en speelgoedberen
een kwartetspel van Roodkapje
kinderfietsjes en de Wii
Dr. Bibber, Donald Ducks
een ganzenbord, Monopoly

Zestien Barbies en een Nijntje
honderd lollies om te delen
een Jan Klaassen en Katrijn
om in een poppenkast te spelen
dozen Lego en Stratego
Mikado en Memory
kleurpotloden, tekenvellen
voetbalplaatjes en K3

En zo zongen we ons liedje
met een zomer in verschiet
van een wagen vol geladen
en van wiedewiedewiet
van we gaan nog niet naar huis
dat was een ding van zeker weten
want we waren niet voor niets
de hond, de kinderen vergeten

En zo zongen we ons liedje
er uit volle borst bedreven
van we gaan nog niet naar huis
nog lange niet, lang zal ze leven

Hoge Hakken

Nu mijn zitbank was versleten
moest ik wel een nieuwe kopen
trok de winkeldeuren open
van de meubelboulevard
hoorde achter mij een hijgen
hoge hakken sneller lopen
almaar sneller en maar sneller
tot ze kwamen bij elkaar

Kan ik U helpen hier misschien
klonk er haar stem wat uitgeschoten
zoekt U stof of iets van leer
iets voor een bad of een boudoir
wilt U koffie, wilt U thee
een driezitsbank met houten poten
alles is hier exclusief mijnheer
uit voorraad leverbaar

Ik kijk graag nog even rond, zei ik
en dribbelde naar voren
voelde mij er wat verloren
en dook achter een pilaar
maar zij had mij al gezien
ik kon haar hakken alweer horen
zag haar wieken op de trappen
als een jonge ooievaar

Moet U hier eens komen kijken
wenkte zij mij opgetogen
maar ik had mij al verscholen
anders was ik de sigaar
keek er naar een koekoeksklok
totdat de vogel was gevlogen
maar de vogel stond al naast mij
op haar hakken alweer klaar

Ze had haast en nam mij beet
ze had de kortste weg genomen
nam de Chesterfields in radslag
deed haar hakken uit, zowaar
rende over zeven tafels
tot ze bij mij was gekomen
mooie bank hè, zei ze hijgend
tijd voor koffie dan nu maar ?

En ik gaf mij toen gewonnen
want zij had mij stuk gelopen
en zij haalde mij een koffie
maar ik wachtte niet op haar
ben er stil toen als een muis
vlug in een linnenkast gekropen
die ik om het hoekje vond
gelegen achter een dressoir

En ik wachtte een kwartiertje
deed de deuren daarna open
zag haar giechelige ogen
ze zei, waarom zit U daar ?
en ik zei, dat is toevallig
deze kast wou ik juist kopen
alleen vond ik aan de binnenkant
voor mij een klein bezwaar

Kijk maar zelf, zei ik toen
U zult het zelf niet geloven
en zij liep meteen naar binnen
met die koffie nog van haar
waarna ik de deuren sloot
een tweezitsbank er voor geschoven
ziet U zelf, jongedame
toch een poppenkast, nietwaar ?

 

Hoge Hakken

Nu mijn zitbank was versleten
moest ik wel een nieuwe kopen
trok de winkeldeuren open
van de meubelboulevard
hoorde achter mij een hijgen
hoge hakken sneller lopen
almaar sneller en maar sneller
tot ze kwamen bij elkaar

Kan ik U helpen hier misschien
klonk er haar stem wat uitgeschoten
zoekt U stof of iets van leer
iets voor een bad of een boudoir
wilt U koffie, wilt U thee
een driezitsbank met houten poten
alles is hier exclusief mijnheer
uit voorraad leverbaar

Ik kijk graag nog even rond, zei ik
en dribbelde naar voren
voelde mij er wat verloren
en dook achter een pilaar
maar zij had mij al gezien
ik kon haar hakken alweer horen
zag haar wieken op de trappen
als een jonge ooievaar

Moet U hier eens komen kijken
wenkte zij mij opgetogen
maar ik had mij al verscholen
anders was ik de sigaar
keek er naar een koekoeksklok
totdat de vogel was gevlogen
maar de vogel stond al naast mij
op haar hakken alweer klaar

Ze had haast en nam mij beet
ze had de kortste weg genomen
nam de Chesterfields in radslag
deed haar hakken uit, zowaar
rende over zeven tafels
tot ze bij mij was gekomen
mooie bank hè, zei ze hijgend
tijd voor koffie dan nu maar ?

En ik gaf mij toen gewonnen
want zij had mij stuk gelopen
en zij haalde mij een koffie
maar ik wachtte niet op haar
ben er stil toen als een muis
vlug in een linnenkast gekropen
die ik om het hoekje vond
gelegen achter een dressoir

En ik wachtte een kwartiertje
deed de deuren daarna open
zag haar giechelige ogen
ze zei, waarom zit U daar ?
en ik zei, dat is toevallig
deze kast wou ik juist kopen
alleen vond ik aan de binnenkant
voor mij een klein bezwaar

Kijk maar zelf, zei ik toen
U zult het zelf niet geloven
en zij liep meteen naar binnen
met die koffie nog van haar
waarna ik de deuren sloot
een tweezitsbank er voor geschoven
ziet U zelf, jongedame
toch een poppenkast, nietwaar ?

 

Miró’s Maan

De dag dat zij tot stilstand kwam
verdween tussen coulissen
was de dag dat zij slechts half werd
een schicht van haar gezicht

Zij was vader, moeder, God, de duivel
mooier dan Delilah
lenigde ons lamme weemoed
witter dan de witste zwaan

Wij waren haar bewonderaars
kijkers in haar naakte sponde
onze handen bleven schrijven
onverknoopte poëzie

Lange zinnen, lange liefdes,
onbegrepen trilogieën
maar steeds vuriger dan hartstocht
door haar roodgedoopte inkt

Wij ontvingen haar, omringden haar
en staarden ons gelukkig
dansten vissen uit het water
sprongen gaten in de lucht

Tussen zee en oceaan
dreven wij verder op haar tijding
vlotgetrokken uit haar dromen
gaf zij licht als licht kon zijn

Waren wij bewonderaars
of toch gemaakt als hoofdrolspelers
speelden wij haar koningsdrama
in een lichtend schimmenspel

Half naakt maar vervolmaakt
als silhouetten op de muur
wajangpoppen in de nacht
voor verre reizigers in ruimte

Alleen kunstenaars verstonden
dat wat nergens anders scheen
en hij schilderde een hond
die hard bleef blaffen tegen maan

Miró’s Maan

De dag dat zij tot stilstand kwam
verdween tussen coulissen
was de dag dat zij slechts half werd
een schicht van haar gezicht

Zij was vader, moeder, God, de duivel
mooier dan Delilah
lenigde ons lamme weemoed
witter dan de witste zwaan

Wij waren haar bewonderaars
kijkers in haar naakte sponde
onze handen bleven schrijven
onverknoopte poëzie

Lange zinnen, lange liefdes,
onbegrepen trilogieën
maar steeds vuriger dan hartstocht
door haar roodgedoopte inkt

Wij ontvingen haar, omringden haar
en staarden ons gelukkig
dansten vissen uit het water
sprongen gaten in de lucht

Tussen zee en oceaan
dreven wij verder op haar tijding
vlotgetrokken uit haar dromen
gaf zij licht als licht kon zijn

Waren wij bewonderaars
of toch gemaakt als hoofdrolspelers
speelden wij haar koningsdrama
in een lichtend schimmenspel

Half naakt maar vervolmaakt
als silhouetten op de muur
wajangpoppen in de nacht
voor verre reizigers in ruimte

Alleen kunstenaars verstonden
dat wat nergens anders scheen
en hij schilderde een hond
die hard bleef blaffen tegen maan